InAxis Home
Innovator uitgelicht
 

"Een kwestie van zoeken, vallen en opstaan"

Paul van Hal en Léon Sonnenschein. Je zou ze 'the founding fathers of innovation' kunnen noemen. Zij stonden immers aan de wieg van InAxis zoals we het nu kennen. En waar we helaas afscheid van moeten nemen. Wat is hen bijgebleven en wat willen ze vooral dat wij onthouden? U leest het in een extra lange 'Innovator uitgelicht'.

Bij welke experimenten zijn jullie betrokken?
Paul: "De afgelopen 4,5 jaar ben ik betrokken geweest bij InAxis. Een experiment op zich. Oorspronkelijk ging het om subsidie geven aan innovatieve trajecten en het verspreiden van kennis. Maar we hebben de ruimte gekregen én genomen veel verder te gaan. Inmiddels weten we dat nieuwe processen of producten ontwikkelen een kwestie is van zoeken, vallen en opstaan en dus van leren. Dat is niet gebruikelijk binnen de overheid waar de hoofdlijn toch wel is dat er een blauwdruk gemaakt wordt die uitgerold wordt. Dan is het enorm leuk om mee te doen aan zoekprocessen op allerlei terrein. Of het nu om handhaving, samenwerking, personeelbeleid, ICT of noem maar op gaat, het is altijd leuk omdat je te maken hebt met gedreven mensen die kansen zien voor een beter functionerende overheid."

Léon: "Alles dat bij InAxis hoort is in zich zelf een experiment geweest. Toen we begonnen wist niemand eigenlijk nog precies hoe je dat deed; 'innovatie stimuleren’ en zorgen dat daarvan geleerd werd. Maar ik denk ook dat InAxis een experiment is geweest over hoe een overheid anders kan werken. Namelijk door ruimte te geven, in plaats van beperking, door te focussen op leren en niet op verantwoording. Door ervan uit te durven gaan dat die ambtenaar in Duiven niet gek is, maar serieus zijn werk probeert te doen en de dingen beter te maken voor de burger en bedrijven. Door te sturen op plezier in plaats van tobberigheid. Voorbij de formele structuren en gezagsverhoudingen. Er zit zo enorm veel passie, energie en goeie ideeën bij mensen die met hun poten in de modder staan. Dat is een enorm kapitaal dat te vaak onbenut wordt gelaten en waar slecht naar wordt gekeken."

Wat houdt experimenteren volgens jullie in?
Léon: "Dé kracht van experimenteren à la InAxis, is de koppeling aan de praktijk. Het ging altijd over concrete oplossingen voor concrete vraagstukken. En het frappante is dat je dat eigenlijk verrekte eenvoudig kunt organiseren. Als je maar bereid bent het spanningsveld tussen ‘de lijn’ en een innovatieclub te accepteren. Elke organisatie kan het zo doen. Een commissie met mensen die ertoe doen, een lichte regeling die een vorm van risicokapitaal verstrekt, een budget (wij hadden 2,5 miljoen voor het hele openbaar bestuur, dat is echt peanuts) en een clubje mensen dat nieuwsgierig is, dat gaat voor inhoud en niet voor status en positie, dat met het gezicht naar het veld staat en niet naar de minister. En dat niet buigt als de minister of de lijn beginnen te blaffen."

Paul: "Kennis verspreiden via leerkringen. Dat is ook een vorm van experimenteren die wij hebben toegepast. Organisaties en omstandigheden zijn nu eenmaal nooit hetzelfde. Een best practice bestaat dus eigenlijk niet. Wat je wel kunt doen is vertrekken vanuit de hoofdlijnen van een geslaagde aanpak en die verder ontwikkelen binnen je eigen situatie.We hebben ons ook nog gericht op de sfeer rondom vernieuwing. Die kan veel beter binnen de overheid. Het soort leiderschap speelt een belangrijke rol. 'Ruimte geven en veiligheid bieden', zou ik wel tegen elke overheidsmanager willen zeggen. En niet altijd het knapste jongetje van de klas willen zijn. Ook onze workshop 'Voorzichtigheidsreductie' is goed aangeslagen. Vaak is een betrouwbare, voorspelbare overheid nodig, soms een meer onderzoekende, nieuwsgierige. Dat maakt het ambtelijke leven ook wel weer fraai, dat je beide kanten van de overheid kan tegenkomen. We zijn ook met de frisse blikken bezig geweest. Alle nieuwelingen in een organisatie zijn ook weer evenzoveel mijnkanaries als het gaat om het signaleren van ingesleten gewoonten."

Welke problemen kom je tegen en hoe los je die op?
Paul: "Een programma als InAxis ligt niet lekker in de staande organisatie van een ministerie. 'Jullie ondersteunen nieuwe aanpakken die haaks staan op het beleid', kregen we geregeld als commentaar. Op zich waren we dan wel vereerd, want dan wisen we zeker dat het om echte vernieuwing ging! Wel wordt dan de sfeer rondom het programma minder. Westelijk van het Prins Claus Plein waren we minder gezien dan oostelijk.

Léon: "Het grootste probleem was natuurlijk Paul van Hal. Onze programmamanager. Nee, geintje. Het grootste probleem dat we hebben gehad, is dat op een gegeven moment de lijn meer controle wilde hebben over het programma. Inkaderen. Thema’s benoemen. Zeggenschap over de mensen. Maar als je een programma als dit wilt runnen, moet je breed blijven kijken, open durven zoeken. Vanuit Den Haag kun je echt niet bepalen waar het in het veld knelt. Dat voelen de mensen als eerste in de praktijk, daar waar de nieuwe problemen zich aandienen. Dus weet je ook niet van tevoren waar de zinvolle innovaties opkomen. Maar, ik zie InAxis niet alleen als een innovatieprogramma. Ik denk dat het een programma is dat een doorkijkje heeft gegeven hoe de verhoudingen tussen Rijk en medeoverheden in de toekomst vorm kunnen krijgen. Minder geïnstitutionaliseerd, minder star, en meer op basis van relatie en partnerships. Dat probleem met de lijn hebben we opgelost door ons niet te laten intimideren. Soms ‘Boe’ te roepen. En we hebben veel te danken aan onze voorzitter, Wolter Lemstra, als het gaat om ruimte voor en bescherming van het programma.

Welke tips hebben jullie voor mensen die ook willen experimenteren?
Paul: "Mijn ervaring bij vernieuwing is dat je niet teveel moet plannen. Ga aan de gang creëer feiten en kijk naar de effeceten daarvan. En blijf voortdurend 'nou, en?' tegen elkaar zeggen in plaats van 'ja, maar'.

Léon: "Gewoon: ga aan de slag, maar niet als een kip zonder kop. Zonder formele inbedding hadden we niks kunnen doen. En ga geen ideeën verkondigen, maar zorg dat er concrete dingen gebeuren die gaan over concrete problemen. Eerst 'practice' dan pas 'preach'. Maar vooral: koester de draaglijke lichtheid van het bestaan.

Wat is innovatie volgens jullie?
Paul: "Voor mij is innovatie dat je je los weet te maken van conventies. Van opvattingen hoe het hoort en wie ertoe doet en wat wel en niet kan. Als dat lukt, ontstaan er vanzelf nieuwe ontdekkingen. Daar is wel durf voor nodig of in ieder geval dat je weet waar je eigen angst zit. Als je dat weet is het geen verstorende belemmering meer."

Paul, naast wie zou je in het vliegtuig willen zitten en waarheen?
"Eigenlijk zou ik graag naast Pim Fortuijn willen zitten op weg naar Italië. Waar we overheerlijk gaan eten en wijn drinken. In feite is Fortuijn de grootste overheidsvernieuwer van de laatste 25 jaar. Die eer verdient hij, los van de ideeën die hij had. Maar dat kan dus niet meer. Dus ga ik gewoon met mijn moeder naar Engeland om oude kastelen, fraaie kerken en troebele pubs te bezoeken.

Léon, welk boek ligt er nu op je nachtkastje?
"Op mijn nachtkastje ligt momenteel ‘De wereld is plat’ van Thomas Friedman, naast de Koran van Kader Abdollah."
 
Lees ook eerdere edities van Innovator uitgelicht